Geluidskunstenaar en vrije geest Harold Schellinx (1956–2025) wist zelfs van een sudoku nog muziek te maken

Jaap Visser in de Volkskrant 24 juli 2025

Harold Schellinx was een geluidskunstenaar met een eeuwige punkmentaliteit. In de avant-gardeband The Young Lions kon hij zich uitleven.

Harold Schellinx, een uitgesproken vrije geest, repte zich van experiment naar experiment. Probeersels boeiden hem zolang ze geen algemeen verloop namen. Anders werd het tijd voor iets nieuws. In zijn fascinerende boek Ultra, over de opkomst en ondergang van de experimentele postpunkmuziek rond 1980, stelde hij: ‘Experiment is diepte, trend is oppervlakte. Experiment en trend zijn water en vuur.’ Met andere woorden: wordt een experiment een trend, wegwezen.

Schellinx wás ultra, ultramodern. Hij kwam uit Maastricht en ineens zat hij in Amsterdam in een avant-gardeband, The Young Lions, met onder anderen kunstenaar Rob Scholte en gitarist Peter Mertens. Ze maakten ultra-art, stonden met het ene been in de popmuziek, met het andere in de kunst. Hun stijl was abstract. Mertens: ‘Niet dat we zomaar wat deden, het was geen volledige improvisatie, maar wel muziek maken zonder afspraak en dan na een half uurtje aan elkaar vragen: ‘Waar was het goed, wat was de moeite van het reproduceren waard?’ En daar borduurden we dan op door.’

Volgens Schellinx, die net als alle andere bandleden gitaren en allerhande elektronica beroerde, was het ‘ultra’ van The Young Lions, die nauwe banden had met de Rietveld Academie, niet zozeer een stijl, evenmin een stroming, maar bovenal een mentaliteit: ongegeneerd en voortdurend modern willen zijn, onderzoekend en vernieuwend.

Na een jaar of vijf had Schellinx het experimenteren met de band wel gezien. Hij ging zich aan de Universiteit Utrecht bekwamen in de leer van de elektrische muziek (sonologie) en vervolgens wiskunde studeren in Amsterdam. Hij werd leraar, professor zelfs, maar bleef ook muzikant en componist. Hij ging schrijven voor Vinyl en Gonzo, dé bladen voor de experimentele muziek, en ging zichzelf ‘sudokist’ noemen, gefascineerd als hij was door de Japanse cijferpuzzel.

Ook tekst is muziek

Schellinx verwerkte sudoku’s in muziek, of was het andersom, dat hij van sudoku’s muziek maakte? Dat hield de wiskundige in het midden, net als hij dat als schrijver met tekst en muziek deed. ‘Muziek’, stelt hij in het in 2012 verschenen Ultra, ‘is geluid met inhoud. Ook tekst is ergens muziek. Tekst heeft inhoud, een klank, en klank is geluid. Geluid is waar muziek en tekst elkaar ontmoeten.’

Schellinx imponeerde met zijn buitengewone intelligentie, die hij niet voor de wetenschap aanwendde, maar in de muziek stopte. Geestverwant Mertens: ‘Als klassiek geschoolde pianist kon Harold prachtig Schubert spelen, maar hij koos ervoor zich te uiten in geluiden die de meeste mensen als herrie ervaren.’ Dat was de hardnekkige non-conformist in Schellinx, de geluidskunstenaar met de eeuwige punkmentaliteit.

Hartstilstand

Hij gaf les op hogescholen in Parijs, in wiskunde en aanverwante vakken, en deed dat een deel van het jaar heel intensief, zodat hij genoeg geld vergaarde om de overige maanden schrijver en geluidskunstenaar te kunnen zijn. Schellinx woonde deels in Parijs, deels in Amsterdam. Daar was hij druk met het voorbereiden van een expositie van zijn verzameld werk in het Rotterdamse kunstcentrum Worm toen hij in de vroege ochtend van 9 juni overleed aan een acute hartstilstand.

De 68-jarige Schellinx had een partner, Yung Wei, en twee kinderen uit een eerdere relatie, Gersande en Alec. In Peter Mertens had hij een kunstbroeder met wie hij ook over de digitale snelweg toerde, om de muzikale mogelijkheden af te tasten, maar ook om artificiële intelligentie uit te dagen. Zo wisten ze AI-systemen in verlegenheid te brengen door na het stellen van een vraag op het antwoord te reageren met een provocerend: ‘O ja?’ Daarop volgden dan prompt heel andere antwoorden. Mertens: ‘En daar hadden we dan grote schik om. Het was postpunkgedrag van mannen op leeftijd.’